Milieucriminaliteit
De themagroep Milieucriminaliteit onderzoekt misdrijven of overtredingen die schade toebrengen aan het milieu. Voorbeelden hiervan zijn illegale mijnbouw, afvaldumping, handel van beschermde soorten, illegale houtkap en overtredingen van milieuwetgeving. Het onderscheidt zich van andere vormen van criminologisch onderzoek door het begrip slachtofferschap niet alleen toe te passen op mensen, maar ook op dieren, planten en ecosystemen.
Een opkomend onderzoeksveld
Door de mondiale schaarste aan natuurlijke hulpbronnen schakelen transnationale criminele organisaties steeds vaker over op milieucriminaliteit. Het is daardoor uitgegroeid tot een van de grootste criminele markten ter wereld.
Deze ontwikkeling roept belangrijke criminologische en juridische vragen op. Ondanks de grote impact van milieucriminaliteit bleef de relatie tussen mens en natuur lange tijd onderbelicht binnen het criminologisch onderzoek.
De groene criminologie ontwikkelt zich echter snel en is belangrijk voor de verdere empirische en theoretische ontwikkelingen voor het vakgebied. Daarom is het van belang om deze benadering verder te verdiepen en te versterken binnen de themagroep.
Doelen themagroep Milieucriminaliteit
De themagroep heeft drie hoofddoelen:
- Het bevorderen van empirisch onderzoek;
- Het verder theoretisch ontwikkelen van de groene criminologie;
- En het opzetten van een expertisecentrum.
Samenwerkingen
Om deze doelen te verwezenlijken, is het essentieel om criminologen, ecologen en juristen samen te brengen die interdisciplinair en transdisciplinair samenwerken. De hieruit voortkomende inzichten zullen cruciaal zijn voor beleidsmakers, wetshandhavers en non-gouvernementele organisaties om inventieve oplossingen te ontwikkelen om milieucriminaliteit te voorkomen en aan te pakken.
Binnen deze themagroep is de leerstoel milieucriminaliteit opgezet in samenwerking met de Open Universiteit, waarin ook andere kennisinstellingen kunnen deelnemen.



